:: Interview
Wie ik ben
Levensloop
Interviews
Favoriete boeken
Wat ik doe
Human Rights Watch
Rapporten
Nieuws
Weblogs
Columns
Politiek verleden
Politieke bijdragen
Kamervragen
Werkbezoeken
Artikelen/toespraken
D66 Standpunten
Wat vindt u?
Stuur mij een bericht
Contactgegevens
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chillen avant la lettre

[12/17/2007]

 

Midden jaren ’70 studeerde ik aan Denison University in Ohio. De campus van de universiteit was in een bosrijke omgeving op een aantal heuveltoppen gebouwd. Zet een paar duizend studenten in de leeftijd van 18 tot 23 bij elkaar en je kunt er van op aan dat er drugs worden gebruikt. Ook in het Midden-Westen van de Verenigde Staten. Of misschien beter gezegd : juist in het Midden-Westen. De meesten van ons woonden voor het eerst zonder ouders te midden van leeftijdgenoten. Er was weinig toezicht. En dus werd er druk geexperimenteerd met sex, drugs en rock and roll. Achter het gebouw, waar ik woonde, had mijn roommate met enkele vrienden marihuana gezaaid tussen de struiken. De planten schoten omhoog. ‘s Avonds werd er in veel kamers op de gang een joint gedraaid. Muziek aan en praten over het leven. Het was een groot “Chillen avant la lettre”.
Toen ik jaren later in Nederland in de Tweede Kamer werd gekozen, vroeg een journaliste van het Parool mij : “Hebt u wel eens drugs gebruikt?”
“ Ja”, zei ik. “Ik heb wel eens marihuana gerookt, toen ik in Amerika studeerde. Het was een geweldige ervaring. Ik weet nog hoe ik naar het oranje wandkleed op mijn kamer keek en de kleur kon proeven, alsof ik een sinaasappel at.” Sommige van mijn collega’s in de Kamer vonden dat ik een beginnersfout had gemaakt. “Dit soort vragen moet je nooit beantwoorden. Politiek kan het jou en de partij schade toebrengen. Wees voorzichtig.” 

Periodiek wordt het Nederlandse coffeeshopbeleid door de Amerikanen onder vuur genomen. En altijd wordt de steppingstone-theorie van stal gehaald. Heb je eens een joint gerookt, dan is de kans groot dat je aan de cocaine of crack raakt. Toen ik fractievoorzitter van D66 was, werd ik eens uitgenodigd voor een diner met Amerikaanse senatoren. Ze maakten een rondreis door Europa. In Nederland wilden ze zich op de hoogte stellen van ons drugsbeleid. Tijdens het diner werd er flink ingenomen, het ene glas wijn na het andere. Ondertussen spraken de senatoren hun afschuw uit over het roken van hash en marihuana. Hypocrieter kan het niet. Dat de Nederlandse overheid zoiets toestond, werd gezien als slapheid en verdorvenheid. Ik hield het niet meer. Toen het mijn beurt was, sprong ik op en begon mijn tafelspeech. Wat heb ik genoten van de verbouwereerde gezichten, toen ik de senatoren vertelde over mijn Ohio-ervaring. “De marihuana was van uitzonderlijk goede kwaliteit” verzon ik ter plekke. “Bij jullie heb ik geleerd te roken. Maar hier in Nederland, waar het onder voorwaarden is toegestaan, heb ik er nooit meer behoefte aan gehad.”
 
Ik moest aan dit voorval denken, toen er onlangs in de Verenigde Staten een relletje ontstond tussen Barack Obama en Hillary Clinton. Allebei willen ze president van Amerika worden en allebei zijn ze van de Democratische partij. Naarmate de beslissing dichterbij komt wie van de kandidaten de Democratische nominatie in de wacht gaat slepen, worden de schermutselingen venijniger. Vroom hadden de kandidaten maanden geleden verklaard : “Ons gaat het om de inhoud, wij willen elkaar niet persoonlijk aanvallen en vuige politiek bedrijven” Langzamerhand lijkt dit goede voornemen te vervagen. Plotseling kwam in het nieuws : Barack Obama heeft drugs gebruikt! Kan hij wel een goede president zijn? Het verhaal was ingestoken door het campagne team van Hillary Clinton. Het was zeker niet uit de duim gezogen. Obama zelf heeft in zijn boek : “Dreams from my father” (1995) opgetekend dat hij wel eens een jointje had gerookt in zijn jeugd en misschien zelfs wel eens een lijntje cocaine gesnoven. Gelukkig schoot Obama niet in een kramp, maar koos hij de tegenaanval. “ Toen ik een jongen was, inhaleerde ik tenminste” sneerde hij naar Bill Clinton, die ooit van twee walletjes probeerde te eten door toe te geven dat hij wel eens marihuana had gerookt, maar zijn longen niet had volgezogen.
Voor politici blijft hun eigen gedrag in relatie tot drugs hier in Amerika een taboe.
Ik vind het juist voor Obama pleiten dat hij 30 jaar geleden met drugs heeft geexperimenteerd. Hij weet wat het is, en heeft laten zien dat je niet meteen voor de rest van je leven doelloos thuis op de bank ligt te blowen na het roken van je eerste joint. Geef mij maar een presidentskandidaat die echt geleefd heeft en niet probeert te passen in de mal van het hypocriete Amerikaanse ideaalbeeld. Gelukkig heeft Hillary Clinton ingegrepen. In een prive-gesprek heeft ze Obama haar excuses aangeboden. En de campagnemedewerker die Obama’s drugsgebruik bij de pers had ingestoken, heeft ontslag genomen. Beide presidentskandidaten zijn het er over eens dat Obama’s vroegere drugsgebruik niet relevant is voor het presidentschap.
Laten we hopen dat hier wel de steppingstone-theorie geldt. En dat beide kandidaten als volgende stap ervoor kiezen de Amerikaanse “war on drugs” te veranderen.


Bron: Mr. online van december 2007.




:: terug     





 

 

 

 

 

 

Log in